Voor Martin Reijntjes uit Gendringen was het zaterdagavond een bijzondere avond: zijn laatste handbalwedstrijd. Na ongeveer 48 jaar in selectieteams stopt de doelman. “Ik vond het wel spannend. Ik was er de hele week al mee bezig”, zegt hij in aanloop naar zijn laatste duel voor het Ulftse UGHV.
Dat het afscheid eraan zat te komen, besefte hij in de week ervoor steeds meer. “Vanmorgen keek ik nog in mijn plakboek. Dan zie je toch heel veel dingen voorbij komen die bijzonder zijn.” Met tientallen jaren handbal op de teller kijkt hij tevreden terug. “Ik heb een supermooie tijd gehad, met veel kampioenschappen en veel vriendschappen.”
De reden om te stoppen ligt vooral buiten het veld. “Ik ben inmiddels ook opa geworden. Dan wil je daar meer tijd aan besteden.” Ook zijn werkzaamheden naast het handbal spelen mee. Reijntjes is voorzitter van de werkgroep Onbeperkt Meedoen in Oude IJsselstreek. “Daar wil ik me meer voor inzetten. Die balans begon een beetje zoek te raken.” Volgens hem hoort daar ook een duidelijke keuze bij. “Als je op dit niveau speelt, moet je er ook zijn. Trainen en wedstrijden spelen. Dat begon te wringen.”
‘Het pakte me meteen’
Zijn eerste kennismaking met handbal kwam via een toernooi. “Dat spelletje pakte me eigenlijk gelijk.” Wat hem zo aanspreekt? “Het is dynamisch, snel, technisch en tactisch. En je moet het samen doen.” Sinds zijn veertiende staat hij onder de lat, min of meer toevallig. “Er raakte een keeper geblesseerd en iemand moest in het doel. Daarna ben ik er nooit meer uitgegaan.”
Ervaring als kracht
Als keeper ontwikkelde hij zich door de jaren heen. “Je moet een goed reactievermogen hebben en niet bang zijn.” Maar vooral ervaring helpt. “Je leert schotbeelden lezen. Daardoor bleef mijn stoppercentage ook nog redelijk hoog.”
‘Opa van het team’
Binnen het team staat hij bekend als ‘de opa’. “Dat klopt ook wel, want ik ben het inmiddels ook echt.” Het grote leeftijdsverschil met teamgenoten ziet hij juist als iets positiefs. “Het houdt je jong. En het is gewoon een vriendenteam.”
Dat betekent niet dat alles hetzelfde is als vroeger. “De muziek bij het warmlopen is nu wel anders. Dat ‘boem boem boem’ is niet echt mijn ding”, zegt hij met een glimlach.
Hoogtepunten
In zijn lange carrière maakte hij veel mee. “Ik kom volgens mij op een stuk of twaalf kampioenschappen.” Vooral successen met zijn eigen club UGHV noemt hij bijzonder. “Promoties met je eigen club, dat blijft mooi.”
Ook een internationaal studententoernooi staat hem nog bij. “Dan leef je echt als topsporter, drie weken lang. Dat was een hele mooie ervaring. Het was wel jammer dat het toernooi in Nederland was en niet in Brazilië of Zuid-Afrika.”
Niet helemaal stoppen
Helemaal verdwijnen uit de sport doet hij niet. “Ik blijf betrokken bij de club.” Zo is hij actief als scheidsrechter en geeft hij keeperstraining. “Daar zitten ook leuke talentjes bij.” Daarnaast komt er meer tijd voor familie en zijn maatschappelijke werk. “Mijn tijd vult zich wel.” Eerst nog één keer het veld op. “Dat wordt wel bijzonder.”